Anders dan mijn favoriete blogloze blogger beschik ik wel over een zeepkistje, dus ga ik er maar even opstaan, in repliek op zijn commentaar als dat ik ongenuanceerd zou zijn. Twee gedachten terzijds om mee te starten: verdruk de pleinvrees, beminde mediamagnaat, en maak uw eigen zeepbox aan... een uitgemergeld lezerspubliek zit hongerig op u te wachten. En daarnaast moest ik Michel nog altijd bedanken omdat hij me herinnerd heeft aan de heerlijk gekunsteld klinkende taalfauwt "als dat ik" - het moet van tijdens mijn (Kortrijkse) humaniora geleden zijn dat we die uitdrukking gebruikten. Bij deze!
Peter stelt dat ik ongenuanceerd ben aangezien ik het onverdraagzame geraaskal van Frans en Francis veroordeel. Erger nog: ik ben een onverbetelijke positivo, en verwacht van anderen hetzelfde. :-)
Wat me het meest tegengaat in hun betoog is het volledig ontbreken van enige opbouwendheid. Is het teveel gevraagd om van mensen die tegen het establishment zijn te verwachten dat ze even stil staan bij het bedenken van een mogelijk alternatief? Kan men überhaupt de financiën van een sociaal-economische bestel vergelijken met de in en outs van een particulier met zichtrekening en spaarboekje? Al eens gekeken hoeveel geld de privé verbrast? Al eens vastgesteld dat overheidsbudgetten vaak net dan de pan uitswingen, als er diensten uit de privé betrokken worden?
Enfin, 't is zo gemakkelijk om in de oppositie te zitten. De muts van de eeuwige ontevredene opzetten. Maar owee als men dat soort mannen aan het beleid laat. Zoals nu: privatisering van de energiemarkt leidt (onverwacht? ja daag!) niet tot daling consumentenprijs. We kunnen moeilijk doen alsof het hele plan dus eigenlijk mislukt is, dus doen we er maar een schepje bovenop: om de gebruiker toch te laten geloven dat de privatisering geslaagd is, gaan we dan maar de BTW verlagen. Resultaat? Producent wint, en overheid verliest. En met de overheid, want dat vergeten blijkbaar velen, dus ook de burger. Want, geloof het of niet, we leven in een land waar de leiders behoorlijk rechtstreeks verkozen worden....: geef het volk de leiders die het verdient, of toch niet?
Wat dat zogenaamde kunstenaarees betreft: valt dat niet allemaal reuze mee? Ieder clubje kent zo zijn eigen idiomen - het zal niet anders zijn tussen de CxOs in de prieelen van de serviceclubs, of tijdens de breaks op marketingcongressen. Het moeten toch niet altijd kant-en-klare cultuurhondebrokken zijn.
Wat er ook van zei: de kern van Peter's commentaar blijft (natuurlijk) staan. Als men zich vestigt als commentator op het establishment, dan is het minste wat men kan verwachten dat men "kleur bekent". Want dat is het grappigste eigenlijk: al die commentatoren zijn dan blijkbaar toch nog zo verhangen aan de gevestigde structuren dat ze eenvoudig in één klein politiek hoekje te plaatsen zijn. Echte vrijdenkers, denk ik dan, of mensen die hun best doen om wat breder en genuanceerder te denken, slagen er precies beter in om polychroom door 't leven te gaan.
TrackBack URL for this entry:
http://blogs.cocoondev.org/MT/mt-tb.cgi/2072
Listed below are links to weblogs that reference Kunstenaarees:
» my trackbacks do work from Mystic Gulfstream
None [Read More]
Tracked on January 20, 2005 11:34 AM
tja, the duty of the opposition is to oppose, zeker ?
En over dat kunstenarees : het sfeertje rond de Buda-boys deed mij denken aan een stukje van de onovertroffen Rudy Vandendaele (in zijn verzamelde Dwarskijkers 1991-1998), die in 1997 een tv-documentaire beschreef over het creatieproces van "Bereft of a Blissful Union", een dansvoorstelling van de internationale Wim Vandekeybus. Ben zelf ooit nog (niet op eigen initiatief, ik geef toe) naar iets van Vandekeybus gaan kijken, en het volgende zit er pal op : "Het grofkorrelige zwart-wit, zo nu en dan onderbroken door sequenties in kleur, wees er zoals gewoonlijk op dat we met een kunstfilm te maken hadden. In apnee begon met de impressies van kenners die net Bereft of a Blissful Union achter de rug hadden: ze vonden die voorstelling maar zo zo. Op dat moment wist de eenvoudige kijker als ik nog van niets. ... Al snel bleek het creatieproces van Vandekeybus op willekeur te steunen - 'Laten we scènes maken, met muziek erbij die er verband mee houdt', sprak hij zijn dansers insprirerend toe. Achteraf zien uitslovers die kunstrubrieken moeten vullen er een schat aan culturele referenties in, al was het maar omdat ze hun ogen niet kunnen geloven en omdat er een lied van Schubert in verloren is gelegd. Tijdens de repitities schermutselden de dansers met zweetdrijvende overgave: 'ik wil een punt bereiken', deed er een, 'waarop ik niet meer verder kan, en dàn wil ik doorgaan.' Alsof hij koste wat het kost iets wou terugdoen voor de subsidie. De cameraman probeerde ondertussen voortdurend te ontkomen, vandaar zijn eigenzinnige cameravoering. 'Niet overdrijven met overacting', hoorde ik de choreograaf nog roepen, maar het was al te laat. ... De dansers die aan het woord kwamen keken allemaal alsof ze met een probleem kampten. Een blinde danser zei dat evenwicht zijn specifieke probleem was, en daar kon ik met een beetje verbeelding inkomen, maar het overkoepelende probleem leek me toch: 'Is de subsidie al gestort?'"
Maar voor de rest: leven en laten leven natuurlijk.